We willen een kindje, maar het lukt niet

We willen een kindje, maar het lukt niet

Liefdevol samen zijn ze, en ze komen ervaren wat opstellingen kunnen doen in hun pogingen om ouders te worden. Een kindje te krijgen. Het valt me op dat er veel vrouwen zijn die alleen naar mijn praktijk komen om dit onderwerp te onderzoeken. Mannen geloven er niet in, of vrouwen durven niet te vragen of ze mee willen naar een workshop. Dus het eerste compliment heeft hij te pakken. Deze hartenvader. Zij is degene die de vraag gaat stellen. “We willen een kindje maar dat wil maar niet lukken.” Er worden wel embryo’s mogelijk gemaakt, maar ik ben niet ontvankelijk. Ontvankelijkheid. Hoe doe je dat dan?

Tableau Vivant om te kijken naar ontvankelijkheid

Ze stelt een representant op voor het kind dat al wel in haar hart woont, maar de plaats in haar baarmoeder nog niet heeft kunnen nemen. Ik geef aan dat ik werk voor de ziel die een mama en papa zoekt. En voor hun beider systemen die een vervolg willen hebben, die leven door willen geven. Of niet. Ik leg ook uit dat ik geen garanties onder deze opstelling leg maar dat het wel effect gaat hebben op de manier waarop zij het proces na vandaag vervolg geven. Ze stelt ook een representant op voor zichzelf. En voor haar lief. Haar representant wil haar lief dichterbij dan dicht hebben. Haar lief voelt zich rustig, haar eigen representant  vind het spannend. Beiden kijken naar dit Tableau Vivant en verhouden zich er liefdevol en geduldig toe.

Ontvankelijk voor Zeven?

Ik vraag of ze al embryo’s hebben gehad, of het al gelukt is om embryo’s voor te brengen. Dat is het geval. Ik vraag hoeveel en het zijn er 7. Voor deze embryo’s leg ik vormpjes op de grond. De representant van het embryo dat op de kalender staat om terug geplaatst te worden reageert op deze vormpjes. Ze geeft aan het een hele berg te vinden, waar ze het benauwd van krijgt. Als ik vraag of de representant van de moeder wil kijken naar het hartenkind, het volgende embryo dat geïmplanteerd gaat worden, geeft ze aan het eng te vinden. Al die vormpjes raken haar niet, maar het hartenkind dat van vlees en bloed lijkt raakt haar wel, Ze vind het eng, en is bang dat ze iets verkeerd gaat doen. Dat neemt dit kind over. “Ik ben bang dat ik niet goed genoeg ga zijn.” Het geeft ook aan zich wel makkelijk te verbinden met de hartenvader.

Beste moeder

Ik nodig de moeder uit om naar haar kind te kijken en te zeggen:  “ik ben jouw beste moeder.”  Dat vind zij lastig. Maar ik zie dat het kind hiermee  makkelijker contact  maakt met haar moeder. Ik laat het de moeder nog een paar keer zeggen, tot de tranen wat zijn gedroogd. Dan vraag ik de vader en moeder om naar elkaar toe te draaien. Ik leg uit dat het ontvangen van dit hartenkind vraagt om ontvankelijkheid. Ik vraag of ze elkaar in de ogen willen kijken en een hand op elkaars hart te leggen. Dat vind vooral  zij  moeilijk. Ik leg uit dat alles dat op de grond ligt aan de artsen is, maar dat elk te ontvangen kind hier zijn oorsprong vindt. In de liefde tussen deze man en deze vrouw. Ik leg uit dat de verbinding hier begint, en dan laat ik hen weer draaien in oogcontact naar het hartenkind. Dat al wel op de kalender staat maar nog niet in de buik is ontvangen. Dit kind geeft aan dat het nu veel makkelijker is om contact te maken. Met vader was het al makkelijk, met de moeder lukt het nu ook. Het kind geeft aan de hand van de moeder te willen voelen en echt contact te ervaren.

Huiswerk

Het stel krijgt het huiswerk om elke dag hier mee te beginnen, met contact met elkaar. En met hardop uitspreken: “Ik ben de beste moeder.” Het krijgen van dit kind heeft hulp van buiten af nodig. Maar het ontvangen van dit kind begint bij de liefde van de ouders. Het verwekken van dit kind is geen procedure, maar een les in ontvankelijkheid. In liefde.

Share this post
  ,


Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.